Uitleg PTSS

PTSS

Wat is PTSS?

Een posttraumatische stressstoornis (afgekort: PTSS) is een psychische aandoening als reactie op een ernstige en levensbedreigende gebeurtenis. In de DSM-5 – dat is het classificatiesysteem voor psychiaters en psychologen – is PTSS ingedeeld bij trauma- en stressgerelateerde stoornissen. PTSS is niet hetzelfde als heftige emotionele reacties vertonen na een schokkende gebeurtenis. Het is normaal dat als mensen iets heel heftigs meemaken ze enige tijd last hebben van stressreacties en er telkens aan moeten denken. Vaak slapen mensen ook slechter na een schokkende gebeurtenis en soms hebben mensen ook last van nachtmerries. Echter, deze verschijnselen verdwijnen weer na enige tijd. Als de heftige stressreacties aanblijven, dan spreken we van PTSS. In de kern is PTSS een toestand waarin de persoon lichamelijke en geestelijk blijft reageren alsof de schokkende gebeurtenis nog steeds plaatsvindt.

Kenmerken van PTSS

Herbeleving

PTSS wordt gekenmerkt door drie kernsymptomen: herbelevingen, verhoogde spanning, en vermijding. Met herbeleving wordt bedoeld dat beelden van de schokkende gebeurtenis zich aan je opdringen. Dit kan leiden tot angstige gevoelens en lichamelijke reacties zoals helemaal verkrampen of zweten en trillen. De herbelevingen kunnen zich ook voordoen in de slaap in de vorm van nachtmerries. Soms is de herbeleving zo sterk dat het lijkt alsof de schokkende gebeurtenis zich weer opnieuw voordoet. Het opborrelen van de nare herinneringen wordt als heel vervelend ervaren door mensen juist omdat ze er geen controle over hebben. De herbelevingen kunnen zich heel spontaan voordoen, dus zonder enige aanleiding. Maar meestal is er toch wel een specifieke prikkel die aan de schokkende ervaring doen denken die de herbeleving uitlokt. Een veerbeeld hiervan is dodenherdenking. Op die dag krijgen mensen die zelf schokkende ervaringen hebben meegemaakt in de tweede wereldoorlog, of er getuige van zijn geweest, er ook veel meer last van.

 

Verhoogde spanning

Met verhoogde spanning wordt bedoeld dat de persoon met PTSS chronisch verkeerd in een toestand van ‘vechten’ of ‘vluchten.’ Lichaam en geest zijn als het ware voortdurend in een staat van paraatheid. Veelvoorkomende symptomen zijn: prikkelbaarheid, een kort lontje hebben, heftig reageren als je schrikt, heel erg waakzaam zijn. Ook kunnen op den duur verschijnselen optreden van uitputting. De boog kan immers niet altijd gespannen zijn. Uitputtingsverschijnselen zijn: slecht kunnen concentreren, geheugenstoornissen en een gevoel van verdoofd of afgestopt zijn.

 

Vermijding

Met vermijding wordt niet bedoeld dat mensen het trauma vermijden maar de herinnering eraan. De schokkende gebeurtenis is zo naar en geeft zulke onaangename reacties, dat mensen (onbewust) er alles aan doen om dit weg te bannen uit je hoofd. Vermijding uit zich op verschillende manieren, zoals bijvoorbeeld er simpelweg niet over praten of plekken, situaties of mensen vermijden die aan het trauma doen denken. Maar het kan ook zijn dat mensen zich afsluiten voor hun gevoelens, zodat ze niks meer voelen. Of gevoelens verdoven met drugs of alcohol.

 

Behandeling

Uit onderzoek blijkt dat PTSS chronisch kan worden als er geen behandeling plaatsvindt. Mensen blijven jarenlang rondlopen met de symptomen van PTSS, maar ook kan het gebeuren dat deze symptomen ‘schuilgaan’ achter andere problemen zoals alcohol- of drugsverslaving of terugkerende depressies. Er zijn twee behandelvormen waar veel wetenschappelijk onderzoek naar gedaan is en waarvan de effectiviteit is vastgesteld. Dit zijn: imaginaire exposure en Eye Movement Desensitization Reprocessing (EMDR).

 

Imaginaire exposure

Imaginaire exposure is een specifieke techniek afkomstig uit de cognitieve gedragstherapie. Imaginaire exposure richt zich met name op één van de drie kernsymptomen van PTSS en dat is vermijding. Mensen met PTSS vermijden de herinnering aan de schokkende gebeurtenis, maar op den duur verergert dit juist de symptomen van PTSS. Bij imaginaire exposure helpt de behandelaar om de herinneringen aan het trauma en de bijbehorende gevoelens te ervaren. Hierdoor krijg je controle over de beelden en gevoelens die het trauma oproepen en neemt de angst geleidelijk aan af. Daarnaast werk je ook aan de confrontatie aangaan van de situaties die je bent gaan vermijden omdat ze nare gevoelens oproepen. Iemand die bijvoorbeeld niet meer durft te slapen zonder de TV uit te zetten, wordt gestimuleerd om stapsgewijs toch te gaan doen.

 

Eye Movement Desensitization Reprocessing (EMDR)

EMDR lijkt op imaginaire exposure maar volgt een iets andere procedure. De therapeut vraagt je stil te staan bij het beeld dat de nu nog steeds het meest moeilijk is om aan terug te denken. Tijdens het focussen op dit beeld geeft de therapeut jou een afleiding. Twee vormen van afleiding worden veel gebruikt: het volgen met je ogen van een lichtje die heen en weer beweegt of een koptelefoon die afwisselend piepjes in je linker en rechter oor geeft. Ook vraagt de therapeut regelmatig wat er in je opkomt en vraagt vervolgens om daar je aandacht op te richten. Door deze procedure neemt de angst geleidelijk aan af. Ook gebeurt het vaak dat mensen een iets andere kijk krijgen op het trauma. Er treedt dus een meer algemene verwerking op.

 

 

Dr. Lex Vendrig, klinisch psycholoog